Ongediertebestrijding

Is het ongedierte nog geen plaag, dan is ingrijpen vaak niet nodig en kun je een enkel exemplaar gewoon verwijderen. Zijn de plaagdieren met velen en veroorzaken ze overlast? Kies dan bij voorkeur voor een milieuvriendelijk huismiddeltje. Meer tips tegen ongedierte zijn te vinden op de website van Milieu Centraal.

Wespen die overlast veroorzaken op openbaar terrein kunt u melden bij de gemeente Zeist.

Heeft u overlast op eigen terrein? Dan moet u zelf een ongedierte bestrijder inschakelen.

De eikenprocessierups is een behaarde rups die in de maanden mei tot en met augustus voorkomt. De rupsen verplaatsen zich 's nachts in groepen (in processie) op zoek naar voedsel (eikenblad). Door de brandharen van de rupsen kunnen gezondheidsklachten ontstaan.

Lees verder over de eikenprocessierups

Reinigingsbedrijf Midden Nederland (RMN) verzorgt, namens de gemeente, de ongediertebestrijding van ratten en muizen voor huishoudens in Zeist.  Op de website van de RMN vindt u meer informatie door in te loggen bij 'Mijn RMN'.

Bedrijven dienen contact op te nemen met een particuliere ongediertebestrijder.

Heeft u overlast van bijen in of rondom uw huis? Of heeft u een bijenzwerm geconstateerd? Via de website voor bijenhouders kunt u een imker bij u in de buurt vinden.

Klik op de landkaart op uw provincie en zoek vervolgens de dichtstbijzijnde bijenkorf bij u in de buurt. Als u op een bijenkorf klikt, komt u op de website van de desbetreffende imkerafdeling. Hier vindt u de contactgegevens van imkers bij u in de buurt.

Heeft u overlast van hommels? Op de website van de KNNV, vereniging voor veldbiologie, vindt u allerlei informatie over hommels en advies wat te doen met een hommelnest.

De engerling (larve van de meikever) leeft onder de grond en voedt zich met de wortels van het gras. Uiteindelijk gaat hierdoor het gras stuk (afhankelijk van de aantasting).

Als de grasmat is vernield

Als de grasmat (al) teveel is vernield wordt de bovenste laag (circa 5 tot 10 centimeter) helemaal doorgefreesd. Hierbij verwerkt men meteen korrels in deze laag. Deze korrels zijn op kruidenbasis (niet chemisch en niet giftig). Zij vormen geen gevaar voor de gezondheid en zijn niet gevaarlijk voor flora en fauna. Deze korrels geven een kruiden-knoflookgeur in de grond af, waardoor de engerlingen niet meer van het gras eten. Ze kruipen dieper weg in de grond en verhongeren.

Vlak na deze behandeling zijn er nog wel veel engerlingen in de bovenlaag aanwezig. Daarom wacht men na deze behandeling met inzaaien. Na 2 weken wordt het terrein tot circa 15 centimeter diep doorgefreesd (om een goede bovenlaag voor de toekomstige grasmat te maken) en vervolgens ingezaaid.

Dit wordt in de 2e helft van april uitgevoerd.

Als de grasmat te herstellen is

Als de grasmat nog te herstellen is, worden er geen korrels maar een vloeistof gebruikt. Deze vloeistof heeft dezelfde werking en samenstelling als de korrels. Dus ook de kruiden-knoflookgeur en niet gevaarlijk voor de gezondheid en flora en fauna. Na 2 weken wordt de grasmat doorgezaaid. (Dit is zaaien met het heel houden van de bestaande grasmat, vergelijkbaar met het herstel van sportvelden in de zomer).

De larven van de kastanjemineermot maken doorzichtige plekken in de bladeren van de kastanje. Hierdoor drogen de bladeren uit. Ze worden bruin en vallen te vroeg af. De boom kan hierdoor minder goed gebruikmaken van het groeiseizoen. Over het algemeen kan de boom hier tegen. Wanneer de boom al een verminderde conditie heeft kan de aantasting van kastanjemineermot de gezondheid van de boom nog verder aantasten.

Help mee en voorkom verspreiding kastanjemineermot

Een preventieve behandeling is het weghalen van de Kastanjebladeren en deze aanbieden bij een erkende composteerder. De larven van de mineermot overwinteren in de bladeren van de Kastanje. De in de bladeren aanwezige larven zullen door het composteringsproces (verrotting van de bladeren) sterven. De gemeente haalt de bladeren ook daar waar mogelijk weg.  Als een boom al is aangetast dan kunnen we de boom een warmtebehandeling geven om de kastanjemineermot te bestrijden.